Zoeken sluiten

‘Hoe de stem van cliënten wordt gehoord’

Zeggenschap is overal, zeggen we bij de JP. Maar zeggenschap is ook voor iederéén. Hoe de JP zeggenschap organiseert voor collega’s, beschrijven we in het verhaal ‘Weg met zeggenschap!’. Maar hoe zit dat voor cliënten en verwanten? Hoe praten zij mee over het reilen en zeilen bij de JP?

Zeggenschap. Dat is kunnen meedenken en meepraten over wat er speelt. De stem van cliënten en ouders of verwanten is onmisbaar in de ondersteuning. Denk aan een cliënt die met een begeleider bespreekt hoe hij of zij wil leven of een verwante die meer betrokken wil worden. Maar zeggenschap zit óók in het praktische, in ‘hoe het gaat’ op de locatie. Een cliënt die een wens heeft voor een activiteit of een uitje of een ouder die pleit voor een gezamenlijke ruimte. Inhoudelijk of praktisch, uiteindelijk kun je dat niet los van elkaar zien. Want in de basis komt alles weer terug bij hoe mensen willen leven. Zeggenschap bij de JP is dus heel gelaagd. Maar krijgt altijd vorm op de locatie, in verbinding met elkaar.

Gezien en gehoord worden, daar gaat zeggenschap om

Zeggenschap is maatwerk
Hoe bij de JP zeggenschap voor cliënten en verwanten wordt ingericht, verschilt per locatie. Wat ‘werkt’ voor de ene locatie, kan elders anders zijn. Dat heeft bijvoorbeeld te maken met de cultuur en de geschiedenis van een plek. Zo zien we bijvoorbeeld dat op locaties die door ouders werden gestart (ouderinitiatieven), er vaker gezamenlijke initiatieven zijn. En dat waar mensen zo zelfstandig mogelijk in een eigen appartement wonen, zeggenschap vaker individueel vorm krijgt. In al die diversiteit is er toch een belangrijke verbindende factor: de dialoog. Georganiseerd of ongeorganiseerd, formeel of informeel. We noemen 5 voorbeelden van zeggenschap op de locaties:

  1. Zeggenschap in de cyclische momenten
    Elke drie maanden is er een gesprek over de ondersteuning van een cliënt. Waar mogelijk mét de cliënt, met ouders of verwanten en (interne en externe) professionals. Samen kijken zij wat er nodig is. Alles passeert hier de revue: ervaringen, gedachten en meningen. Over de professionele ondersteuning, maar ook praktische punten. Cyclisch werken doen we op alle locaties en is een onmisbaar moment waar zeggenschap vorm krijgt.
  2. Zeggenschap in verschillende (informele) overlegvormen
    Op locaties kunnen cliënten in allerlei (overleg)vormen van gedachten wisselen. Bijvoorbeeld in een groepsgesprek, bewonersoverleg, commissie of cliëntenvergadering, zoals op locatie IJsselwaard in Kampen (zie verderop in dit verhaal). Onderwerpen die cliënten bezighouden, komen daarin aan bod. Van de wens voor een uitje tot het gebruik van gezamenlijke ruimtes. Soms is er een ideeënbus waar iedereen ideeën kan inbrengen. En er zijn verschillende overleggen van en met ouders en verwanten, bijvoorbeeld met het bestuur van een
    ouderinitiatief.
  3. Zeggenschap in een formele cliëntenraad
    Ze zijn er niet veel bij de JP, maar ze zijn er: formele cliëntenraden. In Oentsjerk bijvoorbeeld (zie verderop in dit verhaal). Met een voorzitter, secretaris en natuurlijk cliënten. En er is een agenda, vergaderstukken en notulen. In deze overlegvorm wordt alles besproken wat een locatie aangaat.
  4. Zeggenschap in schriftelijke onderzoeken
    Elk jaar stuurt de JP een vragenlijst uit om de ervaringen en meningen op te halen van de mensen die betrokken zijn bij de JP. Het ene jaar voor medewerkers en het andere jaar voor cliënten en verwanten. Wat gaat goed en wat kan beter? Daarmee zien we wat er speelt en wat er nodig is. Bovendien zijn deze vragenlijsten een belangrijk instrument in de kwaliteit van onze dienstverlening.
  5. Zeggenschap in de (dagelijkse) verbinding
    Misschien wel het allerbelangrijkste én tegelijk het meest eenvoudige: zeggenschap zit in het dagelijkse contact. Als het goed gaat, maar ook als het minder gaat. Door even binnen te lopen of met een extra telefoontje of mailtje. Gezien en gehoord worden, daar gaat zeggenschap om.