Zoeken sluiten

‘Divers is heel gewoon’

De JP gelooft niet in het categoriseren van doelgroepen en dienstverleningsvormen. Het is nógal een uitspraak op de website van de JP. Slechts een korte zin, maar met een enorme uitwerking op het leven van mensen. En zodra je locatie Koningshof in Vriezenveen binnenstapt, ervaar je die uitwerking meteen.

De verf is al lang droog en de tuin staat inmiddels mooi in bloei. Bij binnenkomst wandel je vrijwel meteen een grote, maar huiselijke woonkamer in. Aan de woonkamer grenzen vier appartementen. ‘Hier wonen mensen die meer nabijheid nodig hebben’, vertelt locatiecoördinator Karin van der Maas. ‘En hiernaast wonen nog 12 mensen zelfstandig in een eigen appartement, met ieder een eigen voordeur. Die combinatie van zelfstandig en gezamenlijk wonen… bij één van onze andere locaties zag ik al hoe móói die combinatie is.’

Werken én bouwen vanuit de vraag
Inmiddels is Karin namelijk aardig ervaren in het opstarten van nieuwe locaties. In Vriezenveen coördineerde ze er al drie, vanuit de groeiende vraag in de regio. En in januari 2021 opende locatie Koningshof in Vriezenveen. Daar ging een intensief en zorgvuldig proces aan vooraf. Want dat de JP werkt vanuit de vraag, geldt niet alleen voor de ondersteuning, maar óók in hoe we een locatie opstarten. Karin: ‘We kijken niet naar wat iemand níet kan, maar naar wat iemand wél kan en wat daarbij nodig is. En dus kan de één zelfstandig in een appartement wonen en woont de ander met meer nabijheid. Dat kan dus prima samen.’

Wat werkt voor jóuw kind?
Karin: ‘In Vriezenveen is onze manier van werken en wonen vrij bekend, veel mensen worden daar toch wel blij van. Van een aantal ouders in het dorp wist ik dat ze interesse hadden. En daarna volgden er héél veel gesprekken. De meeste bewoners zouden hier vanuit hun ouderlijk huis komen wonen. Dan wil je dus graag van de ouders weten: wat werkt voor jóuw kind? Uiteindelijk ontstond er een duidelijk totaalplaatje van alle ondersteuningsvragen. Dat plaatje namen we mee in de plannen voor de bouw.’

Dit is Nina
Eén van de ouders met wie Karin ontelbare keren heeft gesproken, is Jenny: moeder van Nina. Nina is 25 jaar en woonde tot drie jaar geleden met haar broertje en zusje, moeder Jenny en partner Jim thuis. Ze heeft intensieve ondersteuning nodig, omdat Nina als baby een ernstige hersenvliesontsteking kreeg. Daarop volgde een intense periode van onderzoeken, ziekenhuisbezoeken en therapieën. Na een aantal turbulente jaren vond het gezin hun draai. De aangepaste buggy werd een rolstoel, het huis werd aangepast met een eigen uitbouw voor Nina en ze kreeg haar eigen tillift. Jenny: ‘Natuurlijk denk je ondertussen steeds aan de toekomst. Mij kan ook iets overkomen. Wat als ik er niet meer ben? Dan wil ik dat goed voor haar regelen. Maar voor mij was dat natuurlijk óók een proces.
Destijds kregen we ambulante ondersteuning thuis, ook van de JP. Zij zeiden: “Ga anders eens kijken bij een woonlocatie”. Dat deed ik en het voelde direct huiselijk. Heel gewoon. Ik keek ook nog ergens anders, maar daar wist ik binnen 5 minuten: dit gaan we niet doen. Ik miste de huiselijkheid. En toen ik de kant-en-klaar maaltijden zag, wist ik het zeker: dit voelt niet goed.’ Nina zou bij de Koningshof gaan wonen.

‘We houden het ‘in het normale’ met elkaar, dat nuchtere is ook wel een beetje hoe we hier zijn’

De boer op
Wel zou dat nog even duren. Want ondertussen ging Karin met de bouwplannen onder haar arm ‘de boer op’, zoals ze dat zelf zegt. Karin vertelt: ‘Er was een aannemer die graag wilde bouwen voor de JP en er kwam een investeerder. Samen durfden ze het aan om op een andere manier naar zo’n woonsituatie te kijken. Dit is toch anders dan zoveel mogelijk kamers maken om die daarna te willen ‘vullen’. Zij waren zo enthousiast over onze visie op wonen, dat ze zeiden: “We gaan het doen”.’ Bij de ontwikkeling van het gebouw schoof ook een gedragskundige van de JP aan. Gedragskundige Lisanne, zelf ook betrokken bij de ontwikkeling van een aantal andere locaties, vertelt waar ze dan onder andere op let: ‘Samen met een locatiecoördinator kijk je goed naar de ruimtes en de indeling ervan. Moet het rolstoelvriendelijk zijn? Hoe groot zijn de appartementen, wat kan iemand hierin aan? Hoeveel nabijheid heeft iemand nodig? Wat betekent dat bijvoorbeeld voor de inrichting van een inloop? Hoe zelfstandig is iemand, kan hij of zij bijvoorbeeld om hulp vragen? Hoe zit het met iemands prikkelverwerking? Waar nodig houden we zoveel mogelijk rekening met het licht van de ramen of de geluidsdichtheid van muren. En zo zijn er nog veel meer zaken waar je op let. Waar dat kan, neem je dat allemaal mee.’

Nina ging verhuizen
In de periode van de bouw kwam een begeleider elke donderdag al bij Nina thuis om haar alvast te leren kennen. Zo zou de overgang later minder groot voor haar zijn. En op 18 januari, twee dagen na haar 22e verjaardag, betrok Nina als eerste officiële bewoner de Koningshof. Met zachtroze muren, en zelfs een roze koelkast, grenst Nina’s appartement direct aan de huiskamer. Daardoor is er altijd nabijheid, wat ze ook nodig heeft. Jenny: ‘En de reuring eromheen, mensen die de huiskamer in- en uitlopen. Ze ruikt en ziet dat er wordt gekookt. Het leven gaat hier zo normaal mogelijk, dat is precies wat ik voor Nina wilde. En af ten toe moet ze even wachten, maar dat moest ze in ons gezin ook.’

Divers is heel normaal
In de Koningshof wonen allerlei mensen bij elkaar: mensen die ondersteuning krijgen in de dagelijkse structuur, bij het boodschappen doen of bij het schoonmaken. Mensen in een rolstoel én mensen van wie je niet ziet dat ze ondersteuning nodig hebben. Bij de JP denken we namelijk niet in groepen. Karin: ‘Die diversiteit is voor iedereen hier ook altijd vanzelfsprekend geweest. We houden het ‘in het normale’ met elkaar, dat nuchtere is ook wel een beetje hoe we hier zijn. En je ziet dat Nina al die verschillende mensen supermooi vindt. Eén van de bewoners wil altijd voor haar zorgen. Dat hoeft natuurlijk niet, want er is begeleiding. Maar hij wil altijd haar rolstoel duwen, een schat van een man. En daar groeit híj ook weer van. Wel vraagt zoveel diversiteit om een secure samenstelling van
het team. Daar hebben we veel tijd en aandacht aan besteed.’

Lisanne: ‘Wij ondersteunen mensen bij leven, vanuit een individuele ondersteuningsbehoefte. Gezamenlijkheid is niet het uitgangspunt, maar de setting op de Koningshof nodigt daartoe wél uit. En gebeurt dat niet, dan is
dat ook goed. Zelf woon ik in een straat met veel verschillende mensen met verschillende achtergronden. Daar heb ik soms wel en soms geen contact mee, we eten niet samen, maken wel af en toe praatje. Waarom zouden we dit binnen onze organisatie anders doen, als we uitgaan van onze visie ‘zo normaal mogelijk’?’

Gewoon goed
Jenny denkt terug aan die winterdag in januari, de dag dat Nina uit huis ging. Jenny: ‘Je werkt jaren naar zo’n moment toe, je weet dat het komt. Ik dacht: ik ga straks vast in tranen naar huis. Maar toen het zover was, kwamen die tranen niet. Wel voelde het vreemd, natuurlijk. Maar ik vertrok hier met een veilig en tevreden gevoel. Dat kwam doordat het proces eraan vooraf gewoon goed was. De huiselijkheid, de nabijheid én haar eigen plek… dat is alles wat ik altijd voor Nina heb gewild.’

Interesse in ondersteuning van de JP?

Bekijk onze locaties